.

Bestelauto en de Fiscus 2016 | Alles wat u moet weten.


1. Welke bijtelling geldt er in 2016 voor een bestelauto?
Voor de bijtelling op een bestelauto geldt, evenals voor personenauto’s, een standaard bijtellingspercentage van 25% van de catalogusprijs inclusief btw en bpm. Zowel voor bestelauto’s als voor personenauto’s zijn daarop kortingen mogelijk afhankelijk van de CO2-uitstoot, maar door de aanscherpingen daarvan zijn deze vooral van toepassing op de meest zuinige personenauto’s. Specifiek voor bestelauto’s zijn er diverse uitzonderingsregelingen van toepassing. Die komen hierna uitgebreider aan de orde.

2. Geldt de afkoopregeling van 300 euro nog in 2016?
Voor bestelauto’s die doorlopend wisselend gebruikt worden door verschillende werknemers, geldt een eindheffing in de loonheffingen. Die eindheffing bij de werkgever bedraagt € 300 per bestelauto per jaar. Er mag in dit geval geen sprake zijn van één vaste berijder en ook mogen de wisselende berijders geen vast reispatroon hebben. Voor deze regeling mag de overdag wisselend gebruikte bestelauto ook niet door één vaste berijder gebruikt worden voor woon-werkverkeer. Privégebruik is wel mogelijk, daar is immers de eindheffing voor voldaan. Het feit dat het geen vaste auto van een werknemer is, zal privégebruik in de praktijk echter vaak belemmeren.

3. Welke bestelauto’s zijn uitgezonderd van de bijtelling?
Bestelauto’s die nagenoeg uitsluitend ingericht en geschikt zijn voor goederenvervoer, bestelauto’s waarvan werknemers buiten werktijd geen privégebruik kunnen maken omdat deze bestelauto’s op de zaak achterblijven, en bestelauto’s waarvoor een overeenkomst met een verbod op privégebruik is gemaakt tussen werkgever en werknemer, zijn uitgezonderd van de bijtelling.
Bij het tot stand komen van de regeling voor bestelauto’s die nagenoeg uitsluitend geschikt zijn voor goederenvervoer, is vooral gekeken naar bestelauto’s met alleen een chauffeursstoel. In bijzondere gevallen kunnen echter specifiek ingerichte bestelauto’s mét een bijrijderszitplaats ook onder deze uitzondering vallen. Bestelauto’s met een dubbele cabine vallen echter nooit onder deze uitzondering.

4. Kan ik ook zonder rittenregistratie de bijtelling voorkomen?
Als een bestelauto van de zaak niet privé gebruikt worden, kan de tegenbewijsregeling van de bijtelling gebruikt worden. Uitgangspunt is dat met een sluitende rittenregistratie wordt aangetoond dat de bestelauto op jaarbasis voor niet meer dan 500 km privé wordt gebruikt. Als de bestelauto zelfs helemaal niet privé gebruikt wordt, kan een rittenregistratie achterwege blijven. De werkgever kan dan een zogenaamde ‘Verklaring uitsluitend zakelijk gebruik bestelauto’ aanvragen bij de belastingdienst. Als de belastingdienst het vermoeden heeft dat de bestelauto voor privédoeleinden wordt gebruikt, wordt contact gezocht met de werknemer en werkgever. Zij krijgen de mogelijkheid het zakelijke karakter van de rit aan te tonen. Lukt dat niet, dan volgt een naheffingsaanslag. Als de werkgever niets te verwijten is, wordt nageheven bij de werknemer.

5. Telt de bpm nog steeds mee voor de bijtelling?
De bijtelling op een bestelauto wordt inderdaad geheven over de prijs inclusief btw en bpm. Allerhande aanpassingen die na “Tenaamstelling kenteken’’ (voorheen deel 1B) aan de auto worden aangebracht, tellen niet mee voor de bijtelling.

6. Wanneer ben ik als ondernemer vrijgesteld van bpm?
Bestelauto’s van ondernemers zijn vrijgesteld van bpm. Het betreft dan degenen die voor de heffing van btw als ondernemer zijn aangemerkt. Of eventueel een btw-vrijstelling van toepassing is, maakt daarbij niet uit. Bij deze bpm-vrijstelling geldt wel de voorwaarde dat de auto voor minimaal 10% zakelijk wordt gebruikt. Ook op geleaste bestelauto’s geldt de bpm-vrijstelling. Voor bestelauto’s in de verhuur of short-lease geldt de vrijstelling ongeacht wie de feitelijke gebruiker is, als de contractduur niet langer is dan vier weken. Voor langer lopende contracten moet de leasemaatschappij kunnen aantonen dat de auto wordt gebruikt door een ondernemer die zelf ook de bpmvrijstelling zou krijgen als hij de bestelauto gekocht zou hebben. De leasemaatschappij heeft hiervoor per auto een zogenaamde “ondernemersverklaring” van de gebruiker nodig.

7. Wat gebeurt er bij inruil met de bpm?
Als binnen vijf jaar na inzet van de bestelauto niet meer aan de voorwaarden van de bpmvrijstelling wordt voldaan, bijvoorbeeld doordat het zakelijke gebruik stopt omdat de auto wordt ingeruild, hoeft dat niet per se te betekenen dat er alsnog bpm verschuldigd wordt. Als de auto wordt verkocht aan een andere ondernemer, in geval van inruil het garagebedrijf, kan de zogenaamde doorschuifregeling worden gebruikt. Koper en verkoper tekenen er dan voor dat de voorwaarden van de bpm-vrijstelling op de koper overgaan. Er is dan geen bpm verschuldigd en de vrijstelling loopt door bij de nieuwe eigenaar.

8. Welke investeringsaftrek krijg ik op een bestelauto?
Op de koop of financial lease van een bestelauto is de zogenaamde kleinschaligheidsinvesteringsaftrek van toepassing. Met die regeling krijgt de ondernemer die in een bestelauto investeert recht op een extra aftrekpost, bovenop de afschrijvingslasten en de gebruikskosten van de auto. De kleinschaligheidsinvesteringsaftrek is afhankelijk van de omvang van de investeringen in het betreffende jaar en bedraagt maximaal 28% van de investering. Op specifieke bestelauto’s, dat betreft vooral aardgasauto’s en bestelauto’s met duurzame transportkoeling, kan ook milieu-investeringsaftrek van toepassing zijn.

9. Als ik mijn bestelauto pas volgend jaar krijg, krijg ik dit jaar dan al wel de investeringsaftrek?
Het percentage investeringsaftrek is afhankelijk van het totale investeringsbedrag in een bepaald jaar. Als verwacht wordt dat er in een volgend jaar veel geïnvesteerd zal worden, kan een deel van de investeringen wellicht naar voren gehaald worden. Hierdoor kunnen de aftrekpercentages van de investeringsaftrek optimaal benut worden. Voor het bepalen van de hoogte van het percentage investeringsaftrek is de datum van het aangaan van de verplichtingen van belang: het tekenen van de order. De aldus vastgestelde investeringsaftrek kan dan afgetrokken worden in de aangifte van jaar waarin de bestelauto in gebruik wordt genomen, of in een eerder jaar voor zover er eventueel aanbetaald is.

10. Kan ik de bestelauto beter privé of zakelijk boeken in mijn administratie?
De bijtelling wordt berekend over de nieuwprijs van de bestelauto, inclusief bpm en btw. Dat kan met name bij ondernemers die investeren in een door henzelf privé en zakelijk gebruikte bestelauto de vraag met zich meebrengen of het zinvol is om de auto niet zakelijk, maar privé aan te schaffen. Bij zakelijke aanschaf zijn alle kosten aftrekbaar, is er eventueel sprake van investeringsaftrek, maar geldt ook de bijtelling. Dat kan een prima afweging zijn, met name als er relatief veel privé gereden wordt.
Als er relatief veel zakelijke kilometers zijn, dan kan het echter ook voordelig zijn om de auto privé aan te schaffen. Ondernemers die zelf als ondernemer kwalificeren voor de btw, zoals zzp’ers en ondernemers met een eenmanszaak, kunnen ondanks de privéboeking voor de inkomstenbelasting, de bestelauto voor de btw toch tot hun btw ondernemingsvermogen rekenen en btw-aftrek krijgen. Ook geldt dan de bpm-vrijstelling voor ondernemers en het lage mrb-tarief voor bestelauto’s. Voor alle zakelijke kilometers kan dan per kilometer 19 eurocent van de winst van de zaak afgetrokken worden. De bijtelling is in dit geval niet van toepassing, en dat is met name bij een occasion van belang, omdat de bijtelling berekend zou worden over de nieuwprijs van de auto. Bij de afweging welke optie het meest voordelig is, spelen naast het aantal zakelijke en privékilometers ook aspecten als de prijs van de auto en het geldende belastingtarief een rol.

 

Benieuwd naar onze huidige voorraad?